Nierkanker.nl

Alles over nierkanker

Nierkanker.nl

Behandeling niercelcarcinoom

Behandeling nierkankerEr zijn verschillende behandelingen mogelijk bij een niercelcarcinoom / nierkanker. De precieze behandeling hangt af van het soort kankercellen waaruit de tumor is ontstaan, hoe kwaadaardig deze vorm van kanker is en in welk stadium de kanker zich bevindt.

Het stadium van de kanker is de mate waarin de ziekte zich in het lichaam heeft uitgebreid. Dit wordt door de arts bepaald aan de hand van:

  • de plaats en grootte van de tumor
  • de mate van doorgroei van de tumor in het omringende weefsel
  • de aanwezigheid van uitzaaiingen (in de lymfeklieren, andere organen of elders)

Nierkanker wordt bij voorkeur behandeld door de nier geheel operatief te verwijderen of een niersparende operatie te verrichten wanneer de tumorgrootte dit technisch toelaat.

Bij uitgezaaide nierkanker wordt veelal behandeld met medicijnen of een combinatie van medicijnen en een operatie. De meest toegepaste behandelingen bij nierkanker zijn:

  • operatie (chirurgie)
  • angiogenese-remmers (medicijnen die de groei van bloedvaten remmen)
  • immunotherapie (behandeling met medicijnen die een afweerreactie tegen kankercellen stimuleert)

Chemotherapie en bestraling zijn niet effectief bij nierkanker en worden daarom ook niet toegepast. Bij klachten ten gevolge van uitzaaiingen kan wel effectief met bestraling worden behandeld, maar dit heeft geen effect op het ziektebeloop. Dit wordt palliatieve bestraling genoemd.

Het is heel moeilijk om voor een operatie in te schatten of er sprake is van een goed of een kwaadaardig gezwel. De kans op een goedaardig gezwel is overigens klein (3%) wanneer de tumor groter dan 4 centimeter is. Ook als er sprake is van een goedaardig gezwel in de nieren, zal de arts overgaan tot algehele verwijdering van de tumor en soms zelfs de hele nier. Ook goedaardige gezwellen groeien namelijk en kunnen de nierfunctie gaan belemmeren.

De keuze voor de behandeling hangt ook af van het doel van de behandeling. Als er nog genezing mogelijk is, zal een curatieve (= genezende) behandeling worden ingezet. De nier met de tumor wordt dan verwijderd. Daarnaast kan er een behandeling met medicijnen worden gestart.

Als er geen genezing meer mogelijk is, of als de ziekte uitgezaaid is en het niet meer nuttig wordt geacht, dan kan er een palliatieve behandeling worden gestart: een behandeling waarbij de klachten zoveel mogelijk beperkt worden en waarbij de ziekte zoveel mogelijk geremd wordt.

Chirurgische ingreep (operatie)

Bij nierkanker is een chirurgische ingreep de enige vorm van behandeling die kans op overleving biedt. Bij deze operatie verwijdert de chirurg de zieke nier en het vetweefsel rondom de nier. Soms ook worden de bijnier en omliggende lymfeklieren verwijderd.

OperatieDe operatie wordt tegenwoordig bij voorkeur uitgevoerd via een kjjkoperatie in de buik. Middels een camera en monitor, en microchirurgisch instrumentarium wordt via kleine gaatjes in de buikholte de nier of alleen de tumor losgemaakt en in een plastic zakje gedaan. Het zakje kan dan op cosmetische wijze via een ‘bikinisnede’ of een oud litteken worden verwijderd.

Wanneer de tumor te groot is wordt de operatie ‘open’ uitgevoerd middels een snee in de flank, of via de buik . Bij ingroei inde bloedvaten (tumortrombus) wordt een operatie altijd ‘open’ uitgevoerd.

Ook wanneer bij het onderzoek uitzaaiingen naar voren zijn gekomen, wordt, indien mogelijk, bij voorkeur de niertumor verwijderd. Eventueel vindt na behandeling plaats met ziekteremmenede medicijnen (bv. angiogenese-remmers). Wanneer in een later stadium een enkele uitzaaiing in bijvoorbeeld een long of in de lever wordt vastgesteld, dan wordt deze uitzaaiing verwijderd (metastasectomie).

Medicijnen en een operatie hebben bij uitzaaiingen palliatief effect: sommige medicijnen die de klachten verminderen en de ziekte remmen, werken doorgaans beter als de nier en/of de tumor verwijderd is. Ook als de tumor doorgroeit naar andere organen, of als er veel bloed wordt geplast, kan er besloten worden tot een operatieve ingreep.

Of angiogeneseremmers gegeven kunnen worden voor een operatie wordt momenteel onderzocht.

De belangrijkste directe gevolgen van de operatie, zijn:

  • slecht functionerende darmen, deze klacht verdwijnt gelukkig binnen enkele dagen; gedurende deze dagen krijgt u dan voeding en drinken via een infuus toegediend
  • een gevoel van moeheid of zwakte; dit gevoel kan enkele weken aanhouden
  • pijn bij het ademhalen; deze pijn wordt veroorzaakt door de operatiewond en verdwijnt meestal na een paar dagen

Kijkbuisoperatie (laparoscopie)

Het voordeel van de laparoscopische operatie is dat via kleine gaatjes met beeldvergroting geopereerd wordt. Hierdoor is de weefsel beschadiging veel minder dan bij een klassieke operatie. Ook is er minder bloedverlies en daarmee sneller herstel en een korter ziekenhuisverblijf. Het is niet ongebruikelijk dat patienten de dag na een laparoscopische nierverwijdering met ontslag gaan.

Een bijzondere manier van laparoscopisch opereren is middels de Da Vinci operatierobot. Hierbij zit de operateur met zijn hoofd en handen in een nauwe ruimte en zijn zijn vingers via een computer verbonden met het via de holle buisjes ingebrachte instrumentarium. Door subtiele vingerbewegingen stuurt hij de instrumenten. Veel oefening is nodig om deze procedure binnen een redelijke tijd klaar te krijgen. Of deze techniek voordeel heeft ten opzicht van de handmatige uitgevoerde kijkoperaties is niet duidelijk. Wel staat vast dat de ervaring van de chirurg belangrijkere is dan de gebruikte techniek.

Angiogenese-remmers

Angiogenese-remmers zijn medicijnen die de groei van bloedvaten remmen. Kwaadaardige tumoren die groter worden, zorgen er zelf voor dat er nieuwe bloedvaten ontstaan die de tumor van bloed voorzien.

Het fenomeen dat er nieuwe bloedvaten worden aangelegd, heet angiogenese. Door dit proces te remmen, wordt het voor een tumor moeilijker om nieuwe bloedvaten aan te leggen en dus steeds moeilijker om te groeien.

In de nieren zitten heel veel bloedvaten en daardoor zijn angiogenese-remmers erg effectief in de nieren. Veelal zullen de tumoren stabiel blijven (niet meer verder groeien) door deze medicijnen en soms ook kleiner worden. Helemaal verdwijnen doen ze echter niet. Deze behandeling is dan ook niet genezend.

Angiogenese-remmers worden meestal per tablet toegediend, maar soms ook via een infuus. Om in aanmerking te komen voor deze behandeling, is wel een goede lichamelijke conditie vereist.

De belangrijkste bijwerkingen van deze behandeling zijn:

  • Vermoeidheid
  • Diarree
  • Hoge bloeddruk
  • Slijmvliesontsteking
  • Veranderingen aan de huid van handen en voeten; deze wordt dunner en gelig/acné-achtig)
  • Ontkleuring van het haar (grijs worden)

Immunotherapie

Het lichaam wordt tegen schadelijke indringers beschermd door het afweersysteem. Deze schadelijke indringers zijn bijvoorbeeld bacteriën, virussen en vreemde cellen zoals kankercellen. Immunotherapie is erop gericht het afweersysteem te activeren, zodat het tegen kankercellen in de aanval gaat.

Het voornaamste doel van een behandeling met immunotherapie is het terugdringen van uitzaaiingen. Bij een klein percentage van de behandelde patiënten wordt echter ook een langdurige overleving bereikt.

Ook voor immunotherapie is een goede lichamelijke conditie nodig.

Net als bij angiogenese-remmers zijn er ook bijwerkingen als gevolg van een behandeling met immunotherapie. De meest voorkomende bijwerkingen zijn:

  • Een gevoel van algehele lusteloosheid en/of vermoeidheid
  • Griepachtige verschijnselen, bijvoorbeeld spierpijn, koude rillingen en hoge koorts, hoofdpijn, misselijkheid, braken en verminderde eetlust
  • Een verminderde werking van de lever en van de nieren

Bestraling (radiotherapie)

Radiotherapie-apparatuurBestraling (radiotherapie) is een behandeling die plaatselijk gebeurt en waarbij het doel is klachten te verlichten door kankercellen te vernietigen. De gezonde cellen eromheen worden zoveel mogelijk gespaard. Kankercellen verdragen straling over het algemeen slechter en daarnaast herstellen gezonde (normale) cellen zich sneller dan kankercellen.

Bestraling wordt ingezet om de pijn te verlichten. Dit gebeurt meestal als er uitzaaiingen zijn in de botten of in de hersenen. Een korte serie bestralingen is meestal voldoende. Het te bestralen gebied wordt van buitenaf bestraald, waarbij de radiotherapeut de stralenbundel richt op het tumorgebied. Er wordt zoveel mogelijk geprobeerd om te voorkomen dat ook gezonde cellen worden bestraald, maar dit is niet helemaal te voorkomen.

Al vrij snel na de bestraling kan er verlichting van de pijnklachten optreden en dat houdt meestal een twee weken aan.

Ook bestraling heeft bijwerkingen. Deze ontstaan doordat de gezonde cellen om de tumor heen ook geraakt worden door de bestraling. Het belangrijkste effect is vermoeidheid. Over het algemeen hebben patiënten tijdens de periode van bestralen last van vermoeidheid. Enkele weken na de laatste bestraling verdwijnt de vermoeidheid meestal. Sommige patiënten merken echter gedurende langere tijd na de bestraling, dat ze eerder vermoeid zijn dan dat ze waren voordat de bestralingen gestart werden.

Nieuwe ontwikkelingen

Er zijn verschillende nieuwe ontwikkelingen op behandelgebied van nierkanker. Er zijn trials met medicijnen en er worden nieuwe operatietechnieken uitgeprobeerd. Op medicijngebied wordt er onderzoek gedaan met immunotherapie, angiogenese-remmers en nieuwe medicijnen. Operaties waarmee wordt geëxperimenteerd zijn cryochirurgie (bevriezing van de tumor) en radiofrequentie-ablatie (verhitting van de tumor). Door bevriezing of verhitting moeten de kankercellen vernietigd worden. Ook HIFU is nog een experimentele operatietechniek. Hierbij wordt met geluidsgolven geprobeerd de tumor te vernietigen, waarbij het gezonde weefsel gespaard wordt.

Lees verder over de IKNL behandel richtlijn van niercelkanker.